Laden...

Succes

→ Winkelwagen bijgewerkt

Info

→ Winkelwagen bijgewerkt

Succes

E-mail verzonden!

Fout

E-mail niet verzonden!

Fout

Artikel niet meer op voorraad!

Fout

Succes

Succes

Fout

Speltherapie

Speltherapie als vaktherapie

Wat is speltherapie?

Speltherapie is een vorm van psychotherapie voor kinderen. In de speltherapie wordt spel ingezet als middel om het kind beter te begrijpen en verder te kunnen helpen bij zijn of haar ontwikkeling. Voor kinderen is spelen een manier om de wereld te ontdekken. Ze leren zichzelf beter kennen en ontdekken waar hun krachten liggen om verder te groeien.

Hoe werkt speltherapie?

In de spelkamer kan het kind in alle vrijheid spelen. De speltherapeut heeft de volledige aandacht voor het kind. Hierdoor wordt er een vertrouwensrelatie opgebouwd en een veilige omgeving gecreƫerd. In een veilige omgeving kan het kind zijn opgedane ervaringen uitspelen en verwerken in spel. Het kind gaat in het spel experimenteren met zijn of haar gedrag en doet hierin nieuwe ervaringen op. Met behulp van spel kan het kind laten zien wat hem of haar bezighoudt. De speltherapeut leert de beeldtaal (het spel) van uw kind. De opgedane kennis van de beeldtaal van uw kind geeft de speltherapeut de mogelijkheid ondersteuning te bieden bij het werken aan de hulpvraag.

Voor wie?

Speltherapie wordt ingezet bij kinderen vanaf 3 jaar en kinderen (evt. volwassenen) met een verstandelijke beperking.

Wanneer speltherapie?

Er zijn een aantal situaties waarin speltherapie een geschikt middel kan zijn om uw kind te helpen:

  • Wanneer het kind een ingrijpende gebeurtenis mee heeft gemaakt of meemaakt;
  • Wanneer het kind achterblijft in zijn/haar ontwikkeling (sociaal, emotioneel, maar ook fysiek);
  • Wanneer het kind te maken krijgt met ernstige ziektes (zelf of in zijn omgeving);
  • Wanneer het kind afwijkend gedrag laat zien.


Het kan ook zo zijn dat uw omgeving (creche, school, etc.) problemen bij uw kind signaleert. Hierbij kunt u denken aan:

  • Problemen met het uiten van gevoelens;
  • Negatief zelfbeeld;
  • Traumatische ervaringen;
  • Moeilijkheden in het contact met anderen;
  • Gedragsproblemen;
  • Hechtingsproblemen;
  • Ontwikkelingsstoornis;
  • Fysieke klachten.